L’Isle-sur-la-Sorgue, dat vroeger L’Isle en Venaissin heette, was oorspronkelijk een vissersdorp, ontstaan aan de oevers van de rivier. Het dorp heette “Insula” in de Middeleeuwen en het betrof daadwerkelijk een eiland midden in moerasgebied. Het moeras werd later beetje bij beetje drooggelegd door de aanleg van grachtjes. De vele grachtjes die door of rondom het stadje stromen verleenden het de bijnaam « Venetië van de Comtat ».
Sinds vele eeuwen zorgen de ruime en regelmatige waterlopen van de Sorgue voor de benodigde aandrijving van ambacht en industrie. De waterraden maakten de bouw van korenmolens (vanaf de 12e eeuw) en stofateliers (wol en zijde) mogelijk. De enkele pittoreske raden die nog over zijn, geven aan L’Isle haar karakteristieke uitstraling. Ze vallen echter in het niet bij de 62 waterraden die het stadje in de 19e eeuw kende en bij de toen aanwezige intense industriële activiteiten: enerzijds zorgde de zijde voor nieuwe rijkdom, anderzijds werd L’Isle de voornaamste wolproducent van het departement.
De binnenstad, die vroeger door een stadsmuur werd omgeven, heeft haar charme behouden dankzij sporen uit verschillende tijdperken. De Tour d’Argent (“zilveren toren”), vlakbij de absis van de kerk, werd in de 12e eeuw gebouwd door de graven van Toulouse. Niet veel verder, in de steegjes van wat eens de belangrijkste stad van de Comtat was, kan men mooie gotische en renaissancistische gevels bewonderen. De kapittelkerk Notre-Dame-des-Anges werd, met uitzondering van het koor, herbouwd in de 16e eeuw en is een buitengewoon monument dankzij de rijke decoraties binnenin: het is een belangrijke getuige van de aanwezigheid van de barok in de Midi. Laten we enkele 18e-eeuwse verwezenlijkingen van de architectenfamilie Brun niet vergeten: de graanzolder die nu de VVV / Toeristische dienst huisvest, het hospitaal en zijn voorportaal, kapel, apotheek, tuin met een prachtige fontein en nog enkele particuliere herenhuizen waaronder het hôtel Donadeï de Campredon, waarin het Maison René-Char gevestigd is.
De stad houdt de herinnering levendig aan de jodenwijk, waarvan de bewoners, beschermelingen van de paus, medeverantwoordelijk waren voor het welvaren van de stad.
Daarnaast bewaart L’Isle de herinnering aan de vissers, die op hun boten met platte bodem, de nego chin, in zowel zomer als winter met verschillende middelen gewapend op zoek gingen naar rivierkreeft, forel, vlagzalm of paling.
Maar L’Isle-sur-la-Sorgue is ook de stad waar de dichter René Char in 1907 geboren werd, waar hij zijn hele jeugd doorbracht en waar hij op latere leeftijd geleefd heeft. Hij ging enige tijd mee in surrealistische tendensen en heeft een zeer voorbeeldige strijd bij het verzet geleverd. Tussen 1928 en 1988 publiceerde hij regelmatig dichtbundels, terwijl hij daarnaast ook steeds regelmatiger voor kunst- en literaire tijdschriften schreef. René Char was bevriend met grote hedendaagse artiesten en schrijvers. Zijn inspiratie werd in ruime mate gevoed door zijn geboortestreek: de Sorgue, de Mont Ventoux en alle nabijgelegen plaatsen waar hij ooit geweest was. Al tijdens zijn leven werd hij erkend als één van de grootste dichters van zijn tijd en mede daarom werd het Maison René-Char, in 2003 geopend, aan hem gewijd.
Maison de Tourisme Place de la Liberté 84800 L'Isle-sur-la-Sorgue
Tél. : 04 90 38 04 78 Het hele jaar geopend van maandag t/m zaterdag 9u 12u30 en 14u30 18u Zondag van 9u tot 12u30, behalve in juli augustus van 9u30 tot 13u