Een betoverend landschap… De bron van de Sorgue blijft bezoekers trekken en intrigeren. Al sinds de Oudheid wordt deze plek veelvuldig bezocht; recente archeologische ontdekkingen (2002-DRASSN-SSFV) tonen een belangrijke watercultuur aan. Aan het eind van een diepe en groene
gorge, aan de voet van een enorme rots die door erosie is uitgesleten, ontspringt de mooiste rivier van het departement: de Sorgue. De bron bevindt zich op enkele honderden meters van het pittoreske dorpje waaraan de vallei haar naam heeft gegeven. Met een gemiddelde wateraanvoer van 630 miljoen m
3 per jaar is het de krachtigste bron van Europa, en één van de belangrijkste van de wereld. Voordat het water aan de oppervlakte komt, bevindt het zich in een reusachtig onderaards gangenstelsel.
De bron, verfrissend en rustig in zomer en winter, maar kolkend en onrustig in lente en herfst, is een gril van de natuur die maar blijft verbazen.
Aan het eind van de 19
e eeuw vond de eerste duikpoging plaats in de ondergrondse loop van de Sorgue (een verticale trechter van 308 meter diep) en vele gedurfde ondernemingen gedurende de vorige eeuw maakten het mogelijk het mysterie van de bron te ontrafelen. Het hele jaar door vormen de Sorgue en haar zijriviertjes een schitterend watervlak in de schaduw van eeuwenoude platanen.
De intense schoonheid van dit natuurlandschap heeft de harten van vele schrijvers en dichters weten te veroveren:
Petrarca, Boccaccio, Chateaubriand, Frédéric Mistral en René Char.
Wat kunt u al wandelend
ontdekken ?
- De overblijfselen van het kasteel van de bisschoppen van Cavaillon, uit de 14
e eeuw;
- De Romaanse kerk van Notre-Dame en Saint-Véran in Provençaalse stijl, uit de 11
e eeuw. Deze is gebouwd op de ruïne van een heidenentempel en heeft een crypte waarin zich de graftombe van Saint-Véran bevindt;
- Een gedenkzuil (uit 1804) voor de 500
e verjaardag van de geboorte van Petrarca;
- De restanten van een Romeins kanaal, aangelegd langs de linkeroever van de Sorgue;
- Vele ambachtslieden laten u hun kennis van zake op verschillende gebieden zien (suikerwaren, glas- en kristaldraad, houtkunst, aardewerk, juwelen, messen, leer, glas-in-lood), en niet te vergeten de ateliers van schilders, beeldhouwers en winkeliers.
Wat kunt u
bezoeken ?
- De museumbibliotheek van en over Petrarca;
- Het museum ‘L’appel de la Liberté’ over de geschiedenis van 1939-1945;
- Het milieumuseum over de
Santons (Provençaalse figuren uit de Kerststal) en over andere Provençaalse tradities;
- Het milieumuseum over de bron (films);
- Het speleologiemuseum en de stenencollectie van Norbert Casteret.
Papiervervaardiging was een belangrijke en welvarende bezigheid in Fontaine-de-Vaucluse tot halverwege de 20
e eeuw. De papiermolen, in de Galerie Vallis Clausa, brengt een eerbetoon aan dit speciale ambacht door papier met de hand vervaardigen, net zoals dat in de 15
e eeuw gebeurde.
Men mag niet vergeten dat Fontaine-de-Vaucluse altijd een belangrijke plaats is geweest voor de regionale gastronomie.
Restaurants, hotels in diverse categorieën, een jeugdherberg, campings langs de Sorgue, kano & kajak en de mogelijkheid tot vissen en wandelen maken uw verblijf in deze prachtige omgeving zeer aangenaam.
De bron
Het water dat bij Fontaine-de-Vaucluse uit de grond komt, is eigenlijk regenwater en smeltwater van sneeuw van het zuiden van de Mont Ventoux, de Monts de Vaucluse en de Montagne de Lure. Het water verzamelt zich in een ‘impluvium’ (een soort onderaards waterbassin) van 1240 km
2 waarvan de enige uitgang de bron in kwestie is.
Het stijgende water in de lente en de herfst (debiet: 90 m3 per seconde) kan rekenen op de verbazing en bewondering van toeristen, hoewel het regelmatigere debiet in zomer en seizoenen zonder regen zelfs voor specialisten nog raadselachtig is.
Door het verrichten van kleurproeven in de ondergrondse waterlopen van het kalkmassief hebben de speleologen het bestaan van enorme waterbassins aangetoond.
Verkenning van de bron
1878: OTONELLI, een duiker uit Marseille, bereikt -23 m. in een zwaar duikerspak.
1938: NEGRI denkt de bodem te hebben gevonden op -30 m.
1946: COUSTEAU en zijn ploeg bereiken -46 m.
1954: MAGRELLI bereikt -25 m.
1955: De OFRS (Cousteau en co.) doet 80 verkenningen, bereikt -74 m. en sondeert tot -84 m.
1967: De groep van COUSTEAU laat de
Télénaute te water; die gaat tot -106 m.
1974: De GRSA maakt een overzicht van de bron. Ten gevolge hiervan worden verdere verkenningen verboden.
1981: De SSFV (Vereniging voor Speleologie van Fontaine-de-Vaucluse) start met nieuwe verkenningen.
TOULOUMDJIAN bereikt -153 m., met hulp van de COMEX, in een los duikerspak.
1983: HASENMAYER, een Duitse duiker, bereikt de ongelooflijke diepte van -205 m. in een los duikerspak.
De SSFV et de ACRC bereiken met de
Sorgonaute (draadgeleide machine) -245 m.
1984: De
Sorgonaute II daalt af, maar implodeert op -205 m.
1985: De SSFV en de vereniging MIC bedienen de instrumentenmachine MODEXA die stil komt te liggen op een zanderige ondergrond op -308 m. na de ontdekking van twee galerijen in zuidoostelijke richting.
1986: De ACRC probeert het opnieuw maar verliest ieder contact met de
Sorgonaute III op ongeveer -200 m. De meetmachine blijft achter in de bron.
1989: De SSFV gaat met de
Spélénaute op onderzoek uit en maakt een dwarsdoorsnede van de bron tot op -308 m. De in 1985 ontdekte galerieën zijn te smal voor de machine.
1993: Nicolas HULOT duikt tot op -40 m. voor het programma USHUAIA.
1996: De SSFV ontdekt met behulp van de
Spélénaute een immens bassin op -174 m.
2004: Verkenning van de Prado-galerij (door Cousteau in 1950 ontdekt).
Archeologie
1998: Duikers vissen veel recente munten op. De SSFV stelt een dossier op over archeologisch bodemonderzoek, om te weten te komen tot welk tijdperk de praktijk van muntengooien teruggaat.
2001: De SSFV doet verkenningen voor bodemonderzoek met de
Spélénaute tussen -40 en -80 m om zonder risico de bron en eventuele bewegende gedeeltes te observeren. Voor zeer belangrijke ontdekkingen zijn nieuwe verkenningen nodig onder de vlag van het Ministerie van Cultuur, en, gezien het gewicht van de ontdekkingen, neemt men maatregelen om de bron te beschermen.
2002: De SRA en de SSFV duiken ongeveer 400 antieke munten op, waarvan enkele met een grote historische waarde.
2003: Met de opening van een tweede werf voor archeologie komt het aantal opgedoken munten en objecten op 1600, die allen teruggaan tot de tijd tussen 80 v.C. en 450 n.C.
De Sorgue
Deze laaglandrivier ontspringt in Fontaine-de-Vaucluse en mondt na 32 km. uit in de Ouvèze. Van alle rivieren van het departement, heeft de Sorgue het kleinste verval. Vlak voor L’Isle-sur-la- Sorgue, bij de zogenaamde ‘Partage des Eaux’ (de splitsing van de waterwegen), splitst de rivier zich in twee waterlopen. Het water, dat lange tijd gebruikt werd om spinnerijen, papier-, water- en meekrapmolens aan te drijven, dient heden ten dage met name voor de landbouw en ontspanningsactiviteiten als de visserij, en het kano- en kajakvaren.
De helderheid, de kwaliteit en de constante temperatuur van 13° C maken van de Sorgue een eersteklas-rivier, van Fontaine-de-Vaucluse, via l’Isle-sur-la-Sorgue tot Le Thor
.